Kees van der Staaij
lid Tweede Kamer · SGP · Netherlands
“Troost voor treurenden en inzet voor barmhartigheid is niet alleen afhankelijk van overheidshandelen. Integendeel, juist heel veel goed werk wordt ook door maatschappelijke organisaties verricht. Mag ik eens organisaties als Epafras noemen en Dutch & Detained?”
“Bij gebrek aan succes aan het front, richt Rusland zich nu op civiele en burgerdoelen. De minister heeft zich met kracht ingezet voor militaire en financiële steun aan Oekraïne; dat steunen we. Tegelijkertijd ben ik ook wel benieuwd wat nu de inspanningen zijn op diplomatiek vlak.”
“China windt geen doekjes om zijn ambities rondom de inlijving van Taiwan. Een Taiwanoorlog zou desastreus zijn, voor Taiwan en China zelf, maar ook voor Nederland en de hele wereld. Het zegt nogal wat als ook dit soort acties maar ongestraft zouden kunnen plaatsvinden.”
“Laten we ons economische en diplomatieke gewicht, ook in relatie tot grootmachten als China, inzetten als hefboom, ook wanneer dat financieel pijn zou doen. Ik ben benieuwd naar de grondtonen van de minister hierin. Mijn oproep is ook: hou oog voor groepen waar de schijnwerpers niet elke dag op staan.”
“Dank u wel, voorzitter. Misschien wel de bekendste toespraak uit de wereldgeschiedenis is de Bergrede, uitgesproken door Jezus Christus aan de oevers van het meer van Galilea.”
“Ik hoor wat de heer Brekelmans zegt, maar internationaal migratiebeleid zie ik in de portefeuilleverdeling, die keurig netjes gepubliceerd is, bij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid liggen.”
The complete record
Every one of 52 lines we hold for Kees van der Staaij, in date order, each linked to its source. Free to read, in full, without an account. Page 1 of 2.
“De minister noemt terugkeren naar het JCPOA onontbeerlijk. Maar wil hij dan wel werk maken van aanvullende afspraken, conform de motie hierover, die we eerder in de Kamer hebben aangenomen? Voorzitter, tot slot. Een Bergredecitaat is ook "laat uw woord zijn ja, ja, nee, nee", ofwel: wees eerlijk en betrouwbaar. Dat geldt nationaal maar ook in Europees verband, en daar gaat het ook nog weleens mis. Daarom stel ik de volgende vragen. Blijft Nederland ja zeggen tegen de Uniewaarden van democratie en het beginsel van subsidiariteit, juist om de culturele en politieke diversiteit te beschermen? Gaat Nederland op strategische thema's als veiligheid aansluiten bij de Frans-Duitse as, samen met een aantoonbaar "ja" tegen onze eigen defensie-industrie? Ik zie uit naar de antwoorden. Dank u wel, voorzitter.”
“China windt geen doekjes om zijn ambities rondom de inlijving van Taiwan. Een Taiwanoorlog zou desastreus zijn, voor Taiwan en China zelf, maar ook voor Nederland en de hele wereld. Het zegt nogal wat als ook dit soort acties maar ongestraft zouden kunnen plaatsvinden. Wordt er via diplomatieke kanalen met China gecommuniceerd over hoe hoog de prijs zou zijn, om het land zo van deze stap te weerhouden? Blijft Nederland pleiten voor participatie van Taiwan in internationale verbanden, conform de eerder aangenomen motie-Bisschop/Van Helvert? Als we het hebben over vredestichten is er een opvallende ontwikkeling in het Midden-Oosten, waar vaak maar weinig lichtpuntjes waren en zijn. Ik heb het over de Abrahamakkoorden, de verdragen tussen Israël en de Arabische landen. Hoe kan deze welkome trend verder versterkt worden? De SGP deelt de grote zorgen over het Iraanse nucleaire programma, waardoor ook Israël zich terecht bedreigd voelt. De minister en het kabinet gaven ook aan die zorgen te delen, maar waar leidt dit nu concreet toe?”
“Bij gebrek aan succes aan het front, richt Rusland zich nu op civiele en burgerdoelen. De minister heeft zich met kracht ingezet voor militaire en financiële steun aan Oekraïne; dat steunen we. Tegelijkertijd ben ik ook wel benieuwd wat nu de inspanningen zijn op diplomatiek vlak. Het ging daar eerder vandaag ook over in de interruptiedebatjes. Kan de minister de concrete diplomatieke inspanningen verder toelichten? Voorzitter. Ook als het gaat om brandhaarden die wat minder in de schijnwerpers staan, ben ik blij dat de minister pleit voor onderzoek naar oorlogsmisdaden door Azerbeidzjan tegen Armenië, met pogingen van de Europese Unie tot bemiddeling en monitoring. Tegelijkertijd blijft het allemaal wel erg op de vlakte. Ik ben benieuwd of de minister al meer kan zeggen, na de eerdere discussie, over wie hij ziet als de agressor en welke mogelijkheden hij ziet om Armenië te ondersteunen op terreinen als diplomatie, economie en landsverdediging. Voorzitter. Er is vandaag door veel partijen terecht aandacht besteed aan de situatie in Taiwan.”
“Troost voor treurenden en inzet voor barmhartigheid is niet alleen afhankelijk van overheidshandelen. Integendeel, juist heel veel goed werk wordt ook door maatschappelijke organisaties verricht. Mag ik eens organisaties als Epafras noemen en Dutch & Detained? Die doen zeer betekenisvol werk, ook als het gaat om begeleiding van gedetineerden in het buitenland. Ik vraag de minister of hij dit belang onderkent en of zij rondom nieuwe subsidiekaders kunnen rekenen op continuïteit, zodat er niet steeds weer onduidelijkheid is en zij er heel veel energie moeten gaan steken om ervoor te zorgen die heel kleine bijdrage die er vanuit de collectieve middelen ingaat wordt gecontinueerd. Voorzitter. In de Bergrede wordt ook gezegd: zalig zijn de vreedzamen. Het is bij alle brandhaarden, die er steeds in de wereld zijn, ook een uitdaging hoe je de vredestichters kan ondersteunen en stimuleren. Ik zei het al: brandhaarden zijn er te over op deze wereld. Er is al veel gesproken over de verschrikkelijke situatie op ons eigen Europese continent, de illegale invasie van Rusland in Oekraïne.”
“Laten we ons economische en diplomatieke gewicht, ook in relatie tot grootmachten als China, inzetten als hefboom, ook wanneer dat financieel pijn zou doen. Ik ben benieuwd naar de grondtonen van de minister hierin. Mijn oproep is ook: hou oog voor groepen waar de schijnwerpers niet elke dag op staan. Terecht hebben we aandacht voor mensen in Qatar en voor de Oeigoeren, maar minder aandacht is er voor bijvoorbeeld de vervolgde christenen in landen als Nigeria, Noord-Korea, Syrië of Irak. Veel mensen weten niet dat ISIS het aantal christenen op de Ninevévlakte decimeerde, van ruim 100.000 voor 2014 tot enkele tienduizenden vandaag. Vele van de mensen die daar nu nog verblijven, zijn getraumatiseerd en hebben behoefte aan psychosociale hulp. Mijn vraag is welke mogelijkheden de minister ziet om ook voor dit doel meer steun te bieden. Wil hij ook conform de eerder aangenomen moties in de Verenigde Naties initiatief blijven nemen voor resoluties tegen geloofsvervolging en de Kamer hierover blijven informeren? Voorzitter.”
“Dank u wel, voorzitter. Misschien wel de bekendste toespraak uit de wereldgeschiedenis is de Bergrede, uitgesproken door Jezus Christus aan de oevers van het meer van Galilea. Het zijn woorden die over de hele wereld overwogen zijn, hun doorwerking hebben gehad, allereerst in de persoonlijke ethiek, maar de waarden die erin doorklinken zijn ook een appel voor het overheidsbeleid. Er wordt gesproken over troost voor treurenden, inzet voor barmhartigheid. Als je dat op je laat inwerken: er vloeien nogal wat tranen in deze wereld in de straten van Kiev, Pyongyang, Teheran, Irak, Armenië, Nigeria en zo kunnen we nog wel even doorgaan. Het is belangrijk daarvan niet weg te kijken, maar ons steentje, ook al is het een klein steentje of een bescheiden steentje, bij te dragen om recht en gerechtigheid te bevorderen, waardoor juist ook barmhartigheid de ruimte krijgt. Laat ons buitenlandbeleid gestoeld zijn en blijven op realisme en recht.”
“Nog even over Taiwan. Ik herken de analyse dat er wordt gezegd dat als het Westen veel eerder duidelijk had gemaakt wat voor sancties en dergelijke er zouden komen, dat meer afschrikwekkende werking had gehad. Ik zie dus het punt dat het heel belangrijk is om nu duidelijk te maken aan China dat die prijs heel hoog zal zijn, om China hopelijk af te schrikken. Maar welke reële mogelijkheden ziet de heer Sjoerdsma om daarin daadwerkelijk stappen te zetten? We zien soms immers ook dat landen pas in beweging komen als het kalf verdronken is. Hoe kunnen we nu daadwerkelijk die druk opvoeren en stappen vooruitzetten?”
“Tot slot: hoe ziet de heer Brekelmans de rol van de minister-president? Hij noemde die al in het kader van de Turkijedeal destijds. Dat zijn juist de hele ingewikkelde vraagstukken, die ook allerlei landen treffen, waar gelijktijdig optreden nodig is. Wat verwacht de heer Brekelmans van de rol van de minister-president zelf, om ook daadwerkelijk te werken aan de vermindering van de instroom?”
“Ik hoor wat de heer Brekelmans zegt, maar internationaal migratiebeleid zie ik in de portefeuilleverdeling, die keurig netjes gepubliceerd is, bij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid liggen. Zegt u eigenlijk dat het goed zou zijn als er een portefeuilleverschuiving zou komen, waarbij de minister van Buitenlandse Zaken daarin meer het voortouw krijgt? Of heeft dit een andere strekking? Is dat team te klein waardoor er te weinig aandacht voor is? Het voortouw en de coördinatie moeten toch ergens daar liggen, ook als het gaat om opvang in de regio? Zeker, de minister voor Buitenlandse Handel, de minister van Buitenlandse Zaken, de diplomatie; ze moeten allemaal aan de bak. Maar er moet toch wel heel duidelijk het voortouw genomen worden? De coördinatie moet er toch zijn vanuit het internationale migratiebeleid?”
“"Er is meer nodig", hoor ik de heer Brekelmans zeggen als het gaat om meer perspectief. Er is meer nodig bij het bieden van opvang in de regio's van herkomst, waardoor er dus minder mensen naar Nederland komen. Dat steun ik van harte en dat doen we al jaren. Alleen, de voortgang daarbij is natuurlijk wel uitermate traag. Dat maakt mensen ook weleens een beetje moedeloos. Is er wel enige grip op te krijgen? Daarom heb ik de volgende vraag. Ik heb heel goed gehoord dat de heer Brekelmans zei dat de minister van Buitenlandse Zaken aan de bak moet en dat dit een kabinetsbrede inzet vraagt. Maar waar ligt nu de primaire verantwoordelijkheid binnen het kabinet? Wie neemt het voortouw? Dat is mijn vraag.”
“Aan de poëzie kom ik niet helemaal meer toe. Ik wil het bij deze moties laten voor nu.”
“De tweede motie heeft betrekking op het beseffen waar je precies ja tegen zegt met betrekking tot doelstellingen in internationaal verband.”
“Daarvoor moet je niet alleen naar het kabinet kijken, maar kun je je ook als Kamer uitspreken. In dat licht hecht ik eraan de volgende uitspraak samen met collega Omtzigt aan de Kamer voor te leggen over een onderwerp waar wij ons al een flink aantal jaren druk over maken. Gelukkig zagen we dat er toenemende steun was, maar er ligt nog wel een duidelijke wens voor een volgend kabinet.”
“Allerlei wensen komen niet vanuit personen of fracties, maar zijn juist gericht op de opvattingen over het belang van ons land. Voor mijn fractie geldt in ieder geval dat we blij zijn met het extra geld voor Defensie en veiligheid, waaronder de wijkagenten, de lagere energierekening voor huishoudens, maar ook voor bedrijven, waaronder de glastuinbouw. Ik zeg er wel bij dat het nadeel van deze variant van polderen wel kan zijn dat er een flink prijskaartje aan hangt als je wensen van veel partijen tegemoet wil komen. Misschien is dus nog wel een van de belangrijke redenen waarom we uitzien naar een nieuw kabinet dat er ook nog wel duidelijke ankers voor begrotingsbeleid worden vastgesteld voor de komende periode. Voorzitter. Tot slot, voor ik bij een tweetal moties kom. Ik moest terugdenken aan wat informateur Tjeenk Willink eerder zei in het formatieproces: het is een goede zaak als de Kamer zelf debatten voert op hoofdlijnen over onderwerpen die ertoe doen, om op die manier als het ware lijnen uit te zetten, piketpalen te slaan.”
“Mevrouw de voorzitter. Het was een lange vergadering, maar wel een met een concreet, mooi resultaat. De motie die is ingediend door mevrouw Hermans laat zien dat er een breed draagvlak te vinden is als er geluisterd wordt naar heel veel wensen, vanuit de coalitiepartijen, maar ook vanuit andere partijen. Dat is een lange Nederlandse traditie van "schikken en plooien", heb ik ooit bij mijn colleges in Leiden gehoord. Urenlange vergaderingen, ook al ooit in de Nederlandse Republiek waar allerlei heerlijkheden, steden en adel hun invloed moesten laten gelden, waren er wel op gericht om er met elkaar uit te komen. "Polderen" ging dat later heten. Ik vond eerlijk gezegd dat er ook in de aanloop naar deze begroting heel wat gepolderd is en dat dat een goede zaak is in de omstandigheid waarin we inderdaad nog geen nieuw kabinet hebben. Voorzitter. De SGP herkent zich in ieder geval goed in het voorliggende resultaat. Natuurlijk, ook voor onze fractie geldt dat we allerlei nog verdergaande wensen hebben, maar wij herkennen er vooral een brede, grote gemene deler in.”
“Tot slot. Het is goed dat de minister-president het in ieder geval verwelkomt als we ook binnen deze Kamer kijken of er al voor het komende jaar extra geld in Defensie geïnvesteerd kan worden. Maar daarnaast gaat het er natuurlijk ook om dat het nieuwe kabinet het pad naar een vergroting van de inzet voor Defensie structureel verder kan ingaan.”
“Ook al voor het komende jaar.”
“Voorzitter, hoe raadt u het zo. Ik had inderdaad nog een vraag over Defensie. Het viel mijn fractie namelijk op dat er daarvoor relatief weinig geld is uitgetrokken, ook in vergelijking met andere posten, terwijl er wel door eigenlijk alle krijgsmachtonderdelen was gezegd: let op, het achterstallig onderhoud is echt groot. Kan de minister-president zich voorstellen dat dit echt wel een onderwerp is waarvan we zeggen: laten we daar nog extra in investeren binnen de mogelijkheden die er zijn?”
“Ja, tot slot. Ik noem weer een praktisch voorbeeld. De minister-president zegt dat we er hier met z'n allen bij zijn en erover kunnen praten, maar neem nou iets waar ooit heel veel debatten over zijn geweest, namelijk de ontpoldering van de Hedwigepolder als gevolg van een Vogelrichtlijn. Daar was eigenlijk geen fractie … Heel weinig fracties vonden dat een goed idee, want het was een consequentie van waar je eerder ja tegen had gezegd, eigenlijk zonder dat je dat toen zag. Ik ben bang dat dat patroon zich eigenlijk steeds blijft herhalen met weer nieuwe aanscherpingen en dat hier idealistisch breed ja wordt gezegd, maar dat je, als je ziet hoe dat in de praktijk uitpakt, zegt: wacht even, dit was eigenlijk niet de bedoeling. Dan is er wel weer een club die naar de rechter gaat en die zegt: "Hé, dat heb je afgesproken, hè? Dat moet je dus doen." Dan zitten we met de gebakken peren.”
“Dat is goed om te horen, maar hoe pakt het nu in de praktijk uit, ook als je weer doelstellingen aanscherpt? Gisteren noemde de heer Jetten nog als voorbeeld dat het in de bebouwde omgeving nog niet meevalt. Het is niet zomaar even een-twee-drie te realiseren. Ondertussen wordt er over een en ander gesproken, zoals pas over een aanscherping van de methaandoelstelling in Europees verband. Daar zijn allemaal goede verhalen bij en het is allemaal begrijpelijk, maar de vraag is wat dit betekent voor bijvoorbeeld dat boerenbedrijf — het gaat straks overigens nog apart over de landbouw — dat al in het nauw is door een stapeling van allerlei maatregelen en doelstellingen. Hoe toetsen we dat wat we doen daadwerkelijk behapbaar is?”
“Bij alle ambities die worden geuit heb ik er vertrouwen in dat bijvoorbeeld de grote industrieën dat goed kunnen opvangen, maar ik maak mij wel zorgen over die bakker in Overijssel of dat gezin in Zeeland. Wat betekent het voor hun portemonnee? Is het op te brengen? Is het behapbaar? Ik merk dat er in de afgelopen periode in algemene termen wordt gezegd: nee natuurlijk, dat is waar; dat telt. Maar als ik nu, aan het einde van de afgelopen kabinetsperiode, met mensen spreek op werkbezoeken hoor ik nog steeds terug dat zij heel onzeker zijn over hoe het uitpakt. Wat kan daaraan gedaan worden?”
“Het is terecht wat de minister-president zegt, maar waar het mij om gaat is dat die spelregels op dit moment wat vaag zijn. Aan de ene kant heb je door de coronacrisis een aantal begrotingsregels losgelaten en aan de andere kant wordt er gezegd dat een nieuw kabinet nog wel even duidelijke ankers voor het begrotingsbeleid moet vaststellen. Maar wat doen we dan precies nu? Wat is die speelruimte? Ik zou daar toch wel wat meer van het kabinet over willen horen.”
“Ik zou de minister-president graag willen uitdagen om ook op dat punt nog verder in te gaan.”
“Ik ga nog even in op het punt dat de heer Jetten ook aankaartte: wat is eigenlijk de speelruimte die we hebben bij de besprekingen rond de begroting? Ook de SGP heeft wensen naar voren gebracht rond bijvoorbeeld defensie en ook als het gaat om de energierekening voor de gezinnen: let erop wat daar gebeurt. Wij willen ook graag stappen zetten in de verhuurderheffing. En het is fijn dat de zorgsalarissen omhoog kunnen. Zo zullen wij zeker meedenken over wat er verder geïnvesteerd kan worden en ook wat er aan noodzakelijke uitgaven moet worden gedaan. Maar er is ook een andere kant, als ik kijk naar de CPB-rapporten en naar de Raad van State als begrotingsautoriteit. Die zeggen: let ook wel op, in de coronacrisis heb je allerlei uitgavenkaders losgelaten, expansief begrotingsbeleid. Maar we hebben ook te maken met onzekerheden, geopolitieke onzekerheden, en er zijn economische structuurversterkingen nodig. Wat zijn dus de ankers voor het begrotingsbeleid? Dat is een opdracht aan een nieuw kabinet, maar toch ook aan ons allemaal dit jaar.”
“Voorzitter. Ook van de kant van de SGP geen steun voor het nu indienen van een motie hierover of voor een stemming hierover. Dat kunnen we normaal, in een ordelijk debat in de tweede termijn, doen. Inhoudelijk zou ik ook willen zeggen: laten we onze zegeningen tellen. Er is zo lang gesproken over die zorgsalarissen. Daar zijn meerdere moties over ingediend; de motie is ook aangenomen maar nog niet uitgevoerd. Nu is het moment daar dat we tegen de zorgwerkers kunnen zeggen dat het is gelukt om een Kamermeerderheid en een kabinet, een demissionair kabinet, bereid te vinden om dat tot uitvoering te brengen. Eerlijk gezegd hadden we als SGP juist ook veel steun voor dat deel van de motie, maar hadden we er juist moeite mee om te zeggen: laten we dat maar even door de ondernemers laten betalen. Ik vind het prima om juist in een breder geheel, ook met weging van alle plannen die verder vandaag aan de orde zijn, te gaan kijken wat de beste en breedst gedragen dekking is. Dat sluit volgens mij ook aan bij de normale verhoudingen tussen kabinet en parlement.”
“De SGP bepleit een dienstbare overheid, die in vertrouwen als dienares van God het goede voor alle burgers zoekt, met vallen en opstaan, maar met volharding en met het oog op de goede Herder bij uitstek: Christus, de zoon van God, die zijn leven gaf voor arme schapen en die de lammeren in zijn armen vergaderde en droeg als het moeilijk was. Een kabinet dat zo dienstbaar is, mag met recht missionair worden genoemd. Naar zo'n kabinet zien wij uit.”
“Investeer daarom meer in het energienet, is onze oproep, en zorg ervoor dat een doorsneegezin een tweedehands elektrische auto kan betalen. Let bijvoorbeeld ook op de positie van de glastuinbouw. Voorzitter. Bewegingsruimte, mogelijkheden voor professionele keuzes, willen we ook graag bieden aan alle mensen die hun energie en gave inzetten in het onderwijs en degenen die met hart en ziel werken in de zorg. Als daar meer werk van wordt gemaakt, zet dat echte zoden aan de dijk, ook bij de zoektocht naar nieuwe leerkrachten en zorgwerkers, die zo ontzettend hart nodig zijn. Voorzitter, ik ga afronden. Ik ben begonnen met het heldenverhaal van David. Geweldig hoe hij Goliath weerstond. Toch was het David zelf die opmerkte dat het niet zijn geweldige kwaliteiten waren, maar dat het God was die hem bijstond en hem de overwinning had gegeven. Hij klopte zichzelf niet op de borst, maar dichtte: "de Heere is mijn herder, mij zal niets ontbreken". De herder met een kleine h kende de Herder met een grote h. Hij kwam op voor de eer van God en het welzijn van het volk.”
“Natuurlijk, mensen die grote problemen ervaren met hun geslacht verdienen hulp en steun, maar de huidige discussie slaat echt door als verschillen tussen mannen en vrouwen niet meer mogen worden benoemd. Wij willen blijven staan voor de klassiek christelijke opvatting, ook op dit terrein. Ook het klimaatbeleid kan een ondraaglijk harnas worden, zeker als de doelstellingen in wetten en verdragen worden vastgeschroefd. Dat klimaatbeleid nodig is, staat buiten kijf, maar het moet wel redelijk en realistisch blijven voor iedereen. Voor mensen met een kleine beurs bijvoorbeeld, maar ook voor de boeren, die voor ons voedsel zorgen. Ik krijg steeds meer de indruk dat ze murw worden gebeukt tot ze geen kant meer op kunnen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn? Het kabinet wil 3 miljard extra investeren in duurzame energieproductie en 600 miljoen in elektrische auto's. Dat moet wel verstandig gebeuren. Het energienet moet de verduurzaming wel kunnen bijbenen. Als het misgaat, zitten we eerdaags met z'n allen in de kou en in het donker.”
“Laat er ruimte blijven voor een alternatieve aanpak, voor basale vrijheden, en zeker voor de niet genoeg te waarderen vrijheid van geweten. Geen keurslijf dus van vaccinatiedwang of -drang. Wat dat betreft is de regering vorige week, zoals mijn collega Stoffer in het debat zei, een riskante weg ingeslagen met die coronapas. Maatwerk, oog voor de menselijke maat, is op meer terreinen nodig. De kinderopvangtoeslagenaffaire en het resultaat van het onderzoek naar de uitvoeringsinstanties laten zien dat te veel burgers makkelijk in de knel kunnen raken door de overheidsbureaucratie. Hier is nog een wereld te winnen. Er zijn al goede voorstellen gedaan en het is zaak om die ook tot uitvoering te brengen. Voorzitter. Het is goed oog en oor te hebben voor de specifieke moeite waarmee mensen kampen, maar dat betekent allerminst dat de meest progressieve opvattingen als een harnas aan iedereen moeten worden opgelegd. Er is vandaag door verschillende sprekers aandacht gevraagd voor de genderdiscussie. Ik sluit me daarbij aan.”
“Het is ook helemaal niet nodig om wat mee te nemen vandaag, want kijk eens achter me. Keitjes genoeg. Natuurlijk materiaal. Panelen met de naam aarde. De kunstenaar heeft ons verzekerd, toen wij hier voor het eerst in deze zaal kwamen, dat wij allemaal onze eigen betekenis mogen hechten aan deze beelden; dat dit past bij deze kunst. Ik zou zeggen: misschien kunnen de keitjes die op de beelden hierachter prijken ons inspireren om net als David te kijken naar hoe we ons doel kunnen bereiken met slimme en proportionele maatregelen. We moeten kijken naar maatwerk en ervoor zorgen dat we mensen niet opsluiten in een harnas. We moeten niet beleid voorstaan dat als het ware mensen verlamt en onvoldoende bewegingsvrijheid geeft, maar hun juist ruimte biedt. Dan denk ik aan de strijd tegen het coronavirus. Het OMT van koning Saul zou wellicht hebben geadviseerd dat er geen andere keuze was dan een harnas als destijds voor David, maar David liet zien dat het anders kon.”
“Afghanistan is al genoemd: de Hercules die aan de grond moest blijven staan, als een beeld van achterstallig onderhoud. Wij pleiten ervoor om een eind te maken aan het jojobeleid en langetermijnafspraken te maken voor de versterking van onze defensie. Wereldwijd zijn moed en vastberadenheid nodig in de strijd tegen de Goliaths van de radicale islam. Wat is de inzet om niet alleen te voorkomen dat Afghanistan naar de filistijnen gaat, maar ook dat het succes van de taliban ook op andere plekken het jihadisme aanjaagt? Biedt het harnas van alle migratieafspraken wel voldoende ruimte om iedereen te weren die met gevaarlijk gedachtegoed via de migratiepoort Nederland wil binnenkomen? Voorzitter. Sommigen vroegen mij: heb je dit keer ook wat objecten meegenomen? Zoals ik wel vaker voor een verrassing zorgde. Toen de heer Eerdmans zei "er wordt zo meteen wat toegeworpen", zag ik sommigen al bezorgd kijken: betekent het verhaal van David en Goliath nu dat ik zo meteen een kei de zaal in ga slingeren? Dat was ik niet van plan, om de veiligheid hier niet in gevaar te brengen.”
“Neem de veiligheid van de burgers. We hebben de handen meer dan vol aan de strijd tegen de intimiderende georganiseerde en gewelddadige misdaad. Gewetenloze Goliaths in de drugswereld gaan letterlijk over lijken. We hebben dat de afgelopen periode weer gezien. De strijd wordt steeds bruter. Er is veel in gang gezet en er moet veel gebeuren. Als ik daarin nog een aanvullend punt mag benoemen, zou ik zeggen: vergeet ook niet te investeren in wijkagenten. Zoals huisartsen de poort zijn naar een goede zorg, zijn wijkagenten essentieel voor het gevoel van veiligheid bij de burgers, of het nu gaat om vandalisme of het signaleren van gevaarlijke radicalisering, uitmondend in terrorisme. De SGP zet zich er al jaren voor in om onze uitgewoonde krijgsmacht weer adem te geven. Het gaat om niets meer of minder dan de verdediging van onze vrijheid. Vergeleken met bijvoorbeeld de enorme bedragen die nu ook weer naar het klimaat gaan, krijgt ons leger slechts een schijntje. Daarom pleiten wij ook daar voor extra investeringen. Denk bijvoorbeeld aan extra middelen voor luchttransport.”
“Zoals hij als herder het had opgenomen tegen de wolven die zijn weerloze schapen en lammeren bedreigden, trad hij nu in het veld tegen de Filistijn die het volk Israël belaagde. Die zorgzaamheid, die bescherming, tekende David toen hij later zelf koning werd. Die houding proef je ook in de Nederlandse onafhankelijkheidsverklaring, de Acte van Verlatinghe. Het ging vandaag over gezonde vaderlandsliefde en over het historisch museum. Daar zal die zeker ook een plek in krijgen. Die Acte van Verlatinghe heeft ook in onze Kamer een prominente plek gekregen. Onze voorgangers, de toenmalige leden van de Staten-Generaal van de Verenigde Nederlanden, proclameerden op 26 juli 1581 dat een vorst als dienaar van God geacht wordt zijn onderdanen te beschermen tegen alle onrecht en geweld, zoals een herder — daar komt dat beeld weer — met hart en ziel zijn schapen beschermt. Nu, eeuwen later, is dat nog steeds de opgave voor de overheid: burgers beschermen tegen de Goliaths van deze tijd en diezelfde burgers niet in harnassen persen die de bewegingsvrijheid bedreigen.”
“Het kunnen ook je eigen zorgen of angsten zijn, die je de keel dichtknijpen. Maar deze geschiedenis laat zien: de Goliaths van nu kunnen toch verslagen worden. Dat is de bemoediging voor de uitgebuite prostituee uit Oekraïne. Dat is de steun voor christenen in Noord-Korea. Dat is de hoop voor een mishandeld kind in Rotterdam. Goliath heeft niet het laatste woord. Dat inspireert ook om te beschermen wat weerloos is: het ongeboren leven of het kwetsbare leven op hoge leeftijd. Dat moeten we beschermen, niet afschrijven of opgeven. Wat op mij indruk maakte — je hebt dat soms met verhalen die je uit je jeugd herinnert — toen ik dat verhaal van David en Goliath ooit als kind voor het eerst hoorde, was dat koning Saul tegen David zei: neem mijn harnas maar. Maar David sloeg dat aanbod af. Hij was er heilig verontwaardigd over hoe Goliath de God van Israël hoonde en had een diep vertrouwen dat diezelfde God hem zou bijstaan.”
“Toen ik het Bijbelverhaal pas nog eens even herlas — voor de liefhebbers: het is te vinden in 1 Samuel 17 — viel me op hoe uitgebreid er wordt stilgestaan bij de uitrusting van Goliath: een indrukwekkend harnas, een enorme speer en een gigantisch zwaard. Nee, dan David: hij was gekleed in eenvoudige herderskleren, en had alleen een herdersstaf bij zich en een simpele slinger met wat kiezelsteentjes om af en toe een afdwalend schaap op het goede pad te houden. Maar tegen ieders verwachtingen in, wint toch David. De grote Goliath stort dood ter aarde, door een welgemikte steen uit de slinger van de kleine David. De Filistijnen slaan op de vlucht en Israël kan weer opgelucht ademhalen. Een mooie schets van Rembrandt van dit verhaal is vanaf nu via mijn sociale media te vinden, als illustratie bij dit verhaal. Mevrouw de voorzitter. Deze geschiedenis blijft mensen bemoedigen die het op durven nemen tegen oppermachtig lijkende reuzen. Dat kunnen andere mensen zijn, maar ook een machtige multinational of een overheidsdienst die geen gehoor geeft.”
“Het is niet moeilijk in deze lastige politieke situatie om bij andere partijen eens even verhaal te halen over wat er allemaal misging, maar heel behulpzaam is dat niet. Daarom kiezen wij er liever voor om een inspirerend verhaal als uitgangspunt te nemen voor deze Algemene Beschouwingen. Dat verhaal zou je werelderfgoed kunnen noemen, want overal ter wereld hebben mensen dit verhaal al eeuwenlang ingedronken. Ik denk eigenlijk dat vrijwel iedereen, van welke partij dan ook, dat verhaal kent. Dat gaat namelijk over David en Goliath: hoe een kleine herdersjongen de sterke reus verslaat met een kiezelsteentje, en daarmee Israël bevrijdt van de terreur van de Filistijnen. Wat deze geschiedenis zo aansprekend maakt, is dat iedereen dacht dat die David geen schijn van kans maakte. Niet voor niets was er niemand die het tegen die intimiderende en zwaarbewapende Goliath durfde op te nemen.”
“Mevrouw de voorzitter. Het lijkt een vertrouwd beeld dat je Algemene Politieke Beschouwingen houdt op de dag na Prinsjesdag, maar het is eigenlijk heel erg ongebruikelijk. Het is eigenlijk ook heel erg ongebruikelijk om met een demissionair kabinet Algemene Politieke Beschouwingen te houden. De heer Jetten en anderen hebben daar al op gewezen. Normaal gesproken wachten we op de regeringsverklaring. Dan ga je, een aantal maanden na de verkiezingen, niet meer Algemene Politieke Beschouwingen houden, met een demissionair kabinet. Het is dus ongebruikelijk. Daardoor is het ook wat ongemakkelijk, want je kunt dus eigenlijk niet echt met het kabinet in discussie over het beleid voor de komende jaren. Toch is het tegelijkertijd ook onvermijdelijk, want zoals al is gezegd, is deze begroting meer dan "op de winkel passen". Bovendien zit die regeringsverklaring er nog niet echt aan te komen, voor zover wij zijn geïnformeerd. Wat dat betreft is dit dus ook wel een oproep aan alle hoofdrolspelers: talm niet, maar zet met gezwinde spoed constructieve stappen. Voorzitter.”
“Voorzitter, tot slot. Zeker, er zijn ook allerlei problemen in de volkshuisvesting. Maar wat mij opvalt is dat het soms niet zozeer gaat om allerlei nieuwe instrumenten die nodig zijn, maar dat het er ook, zoals wellicht in dit geval, om gaat dat de gemeente tijdig handelt en ervoor zorgt dat dat bestemmingsplan gewoon aangepast is aan wat nu nodig is. Dan kan woningbouw sneller gaan dan als je eerst weer moet gaan onderhandelen op basis van een verouderde bestemming.”
“Een mooie intro van mevrouw Ploumen, ook over die Limburgse wijk waar dan ineens een megaloods komt in plaats van de 800 woningen die eerder voorzien waren. Maar bij mij kwam een simpele vraag naar boven; misschien weet mevrouw Ploumen daar een oplossing voor. Waarom is op zo'n terrein waar de fabriek allang weg is niet gewoon al een woonbestemming gelegd, zodat je dit soort dingen voor kan zijn?”
“Tot slot, voorzitter. Ik sta hier niet zo van: als we dit plannetje doen, hebben we alle problemen opgelost. Maar het gaat mij erom dat je gewoon tegenkomt en terughoort wat het nu al betekent voor de energierekening. En juist als we draagvlak voor de energietransitie willen houden, is het belangrijk om in de komende periode telkens goed op te letten wat het nu concreet betekent voor huishoudens en gezinnen. En als ik de heer Heerma zo mag begrijpen dat we daarover in gesprek kunnen blijven en daar steeds scherp oog voor hebben, dan vind ik dat voor dit moment winst.”
“Ik wil nog even terug naar het thema waarover de heer Heerma eerder met de heer Klaver een interruptiedebatje had: wat betekent de energietransitie voor de gezinsportemonnee? Wij hebben daar best zorgen over. Kijk maar eens naar wat een gezin met drie kinderen drie jaar geleden betaalde voor energie en nu. Dan zie je dat zowel de energiekosten als de energiebelasting zijn gestegen. Per saldo betaalt men soms zo'n €1.300 meer. Dat kan nog verder stijgen. Mijn vraag is: hoe kan het CDA eraan bijdragen dat ook die energietransitie een beetje betaalbaar blijft voor gezinnen?”
“Tot slot. Inderdaad, als ik het goed zie — ik volg andere partijen altijd met belangstelling — zijn dat ook nog onderwerpen van debat binnen een fractie als D66 zelf. In de zomer zag ik in het blad van het wetenschappelijk instituut dat Paul Schnabel zegt: er is geen voltooidlevenwet nodig. Gisteren hoorde ik Terlouw nog zeggen: ja, ik heb daar ook grote aarzelingen bij. Dat is dan een thema dat zelfs binnen uw eigen fractie verdeeld ligt. Ik zou de volgende oproep doen. Laten we vooral kijken, ook bij de kabinetsformatie, naar thema's die wel breed leven, waarvan wel wordt gezegd: daar moeten we een punt maken. Want al te veel uitsluiten kunnen we ons toch in deze tijden niet veroorloven.”
“Het viel mij ook op dat de medische ethiek niet zo'n urgent punt was in het betoog van de heer Jetten. Dat herken ik ook, want dat zei mevrouw Kaag ook nog voor de verkiezingen. Ze zei toen: dat is niet top of mind bij mensen. Hoe kan het dan dat het later in de formatie zo'n belangrijk punt was om wel te zeggen: we willen zelfs niet met de ChristenUnie praten over de onderwerpen waar u nu zo veel over spreekt?”
“De heer Jetten heeft door alle thema's heen laten merken dat hij het betreurt dat er nog geen nieuw kabinet zit en dat we nog met een demissionair kabinet spreken. Het kan voor kijkers een beetje overkomen alsof hij dat op een toontje zegt waarop je op het vakantieadres zegt: "Wat jammer dat het zulk regenachtig weer is. Dat overkomt ons." Maar D66 is wel een hoofdrolspeler, ook in de hele kabinetsformatie. Mijn vraag is: hoe kijkt u er nu zelf op terug dat deze thema's die u nu allemaal benoemt, nog steeds onvoldoende uit de verf zijn gekomen, ook door toedoen van D66? En wat kan D66 doen om de formatie nu te versnellen?”
“We horen ook dat het geld dat nu in deze begroting zit, gewoon niet voldoende is om zelfs maar dat achterstallige onderhoud aan te pakken. Is dit een van de onderwerpen waarvan de VVD zegt: ja, daar zullen we meer aan moeten doen dan nu in de begroting staat?”
“Tot slot. "Haalbaar en betaalbaar" zijn terechte uitgangspunten. Maar ik pleit er wel voor om dat al serieus te wegen en te doordenken op het moment dat je "ja" zegt tegen een bepaalde doelstelling, bijvoorbeeld op het terrein van klimaat, op het terrein van biodiversiteit of op welke terreinen dan ook. Die dingen zijn allemaal heel nuttig en waardevol, maar we moeten wel weten wat we doen op het moment dat we "ja" zeggen tegen een aangescherpte doelstelling. In de praktijk is dat nu vaak pas veel later het geval. Dat zou mijn oproep zijn. Tot slot, voorzitter. Het is mijn laatste interruptie, maar ik wil nu toch ook nog één punt maken over concreet de begroting. Mevrouw Hermans noemde zelf ook Limburg al, en het feit dat de militairen daar goed werk hebben geleverd. Maar in alle krijgsmachtonderdelen horen we diezelfde militairen de noodklok luiden. We horen over een Herculesvliegtuig dat niet meer kan opstijgen, over marineschepen die aan de kade liggen, over oefeningen die niet kunnen doorgaan.”
“Dus hoe gaat de VVD met dit punt om? Wat doen we om te voorkomen dat dit telkens weer kan optreden?”
“Zeker. Het zal erop aankomen om dat ook waar te maken in de komende tijd, want het ongeduld en ongemak erover neemt natuurlijk met de dag toe. Een ander punt van vertrouwen is volgens mij ook dat de VVD als het gaat om concrete klimaatplannen heel vaak zegt dat het haalbaar en betaalbaar moet zijn. We zien tegelijkertijd op deze begroting dat er miljarden worden uitgegeven op grond van een rechterlijke uitspraak die tegen de politiek zegt: jullie hadden je ooit ergens aan een bepaald percentage gebonden, dus dan moet je dat ook wel waarmaken. De rechter gaat dus straks dicteren hoe onze uitgaven zijn. Dat is ook niet goed voor het vertrouwen. Mijn vraag aan de VVD, aan mevrouw Hermans, is: leren we daar nou eigenlijk van? Ik zie namelijk een patroon met een Kaderrichtlijn Water, CO 2 -uitstoot, stikstof en methaan. Een paar dagen geleden zag ik nog dat ook de VVD akkoord gaat met de aanscherping van ambities. En vervolgens zegt ze een aantal jaren: dit gaat eigenlijk wel te snel, dit hadden we eigenlijk niet bedoeld en dit kunnen we echt niet waarmaken.”
“Voorzitter, we zijn allemaal een beetje ontregeld dat mevrouw Kaag zich inmiddels ook bij ons heeft gevoegd. Van harte welkom. Mijn vraag gaat over het feit dat mevrouw Hermans "het gekelderde vertrouwen" noemde. Een belangrijk punt. Het valt mij op dat we op straat allemaal, denk ik, heel vaak worden aangeklampt met de vraag of er nog een keer een kabinet komt in Den Haag. Begint herstel van vertrouwen niet met echt als de wiedeweerga alles te doen wat mogelijk is om dat kabinet te vormen? Hoe ziet mevrouw Hermans dat?”
“Ik meldde me net al even. Eerlijk gezegd, vind ik het staatsrechtelijk ongepast om een demissionair kabinet te vragen naar de stand van zaken rond de formatie. Het initiatief ligt echt bij de Kamer, en dan moet je de hoofdrolspelers in de Kamer aanspreken.”