Tunahan Kuzu
lid Tweede Kamer · DENK · Netherlands
“Steeds vaker zie je dat mensen wereldwijd lijden onder oorlog, onderdrukking, marteling en hongersnood. Dagelijks zie je filmpjes van slachtoffers die lijfstraffen krijgen, die gebonden verdrinken in een rivier of die worden opgehangen. Simpelweg omdat de wereld de daders ermee weg laat komen.”
“Het beleid van Nederland gericht op China is nogal merkwaardig te noemen. We lezen terug in de begroting dat China op een aantal vlakken een uitdaging vormt voor de NAVO. Tegelijkertijd mag dat engagement met China niet in de weg staan.”
“Ik vraag me dan ook af hoe het kabinet het beleid om activiteiten van bedrijven te ontmoedigen in de Israëlische nederzettingen dan wél vormgeeft. Wat is het huidige ontmoedigingsbeleid nog waard, zo vraag ik de minister. Of het bezoek van de minister-president zou een soort van straf moeten zijn voor een bedrijf. Voorzitter.”
“Datzelfde Servië gebruikt zijn invloed maximaal als het aankomt op de politiek in Bosnië en Herzegovina. Zo hebben elf steden in de Republika Srpska financieel bijgedragen aan de film The Serbian Struggle for Freedom, die de genocide in Srebrenica ontkent. Voorzitter. Het is overduidelijk dat Bosnië niet veilig is met deze buren.”
“Het lukt allemaal niet zo goed, maar laat mij vandaag alsjeblieft een beetje naïef zijn, net zoals talloze studenten die een internationale studie volgen en dromen van het verbeteren van de wereld.”
“Ik ben bij het laatste punt. Voorzitter. De graandeal tussen Oekraïne en Rusland had de honger in Afrika en het Midden-Oosten moeten verlichten. Uit cijfers van de Verenigde Naties blijkt dat maar liefst de helft van het verscheepte graan niet op de plekken terechtkomt waar het terecht zou moeten komen, maar in rijke landen terechtkomt.”
The complete record
Every one of 14 lines we hold for Tunahan Kuzu, in date order, each linked to its source. Free to read, in full, without an account.
“Ik ben bij het laatste punt. Voorzitter. De graandeal tussen Oekraïne en Rusland had de honger in Afrika en het Midden-Oosten moeten verlichten. Uit cijfers van de Verenigde Naties blijkt dat maar liefst de helft van het verscheepte graan niet op de plekken terechtkomt waar het terecht zou moeten komen, maar in rijke landen terechtkomt. Zo ontving Nederland 7% van het verscheepte graan. Slechts 26% ging naar lage-inkomenslanden, waarbij slechts 4 van de 136 uitgevaren schepen terecht zijn gekomen in de landen waar de nood het allerhoogst is. Dat is slechts 3%. Ik wil de minister dan ook vragen om meer transparantie af te dwingen over hoe prijzen tot stand komen en om speculatie met voedsel op financiële markten te verbieden. Nederland moet dit internationaal binnen de VN en de EU bepleiten, wat mijn fractie betreft. Dat de helft van de geëxporteerde granen direct in de magen van Europese koeien of kippen belandt en dus niet naar de hongerlijdende Somaliër of Jemeniet gaat, is onverteerbaar. Dat zou de minister toch met ons moeten delen? Dank u wel, voorzitter.”
“Nee hoor, voorzitter. Ik ga de tijd wel inhalen, want ik heb nog een klein stukje.”
“Zouden wij onze economische afhankelijkheid van China niet eindelijk moeten afbouwen, in plaats van versterken? Welke mogelijkheden ziet de minister voor zich?”
“Het beleid van Nederland gericht op China is nogal merkwaardig te noemen. We lezen terug in de begroting dat China op een aantal vlakken een uitdaging vormt voor de NAVO. Tegelijkertijd mag dat engagement met China niet in de weg staan. In één adem zegt het kabinet ook dat we in de betrekkingen met China steeds meer de nadruk leggen op het beschermen van onze waarden, belangen en veiligheid en op statelijke dreigingsaspecten. Ik wilde naïef zijn, maar zo naïef zou de minister niet moeten zijn. We hebben het over China, dat illegale politiestations heeft neergezet in onze steden en dat in Tibet een surveillancesysteem heeft opgezet waarbij geen onafhankelijke media, diplomaten of politici het gebied mogen betreden. En als dat niet genoeg is, tonen de onderdrukking door China van de Oeigoeren in Xinjiang en het steeds verder inperken van burgerlijke vrijheden in Hongkong de machtswellust van China aan. Ik ben dan ook benieuwd naar het pressiemiddel dat wij hebben om de misstanden in Tibet en Xinjiang aan te kaarten, aangezien wij de economische belangen helaas vooropstellen.”
“Datzelfde Servië gebruikt zijn invloed maximaal als het aankomt op de politiek in Bosnië en Herzegovina. Zo hebben elf steden in de Republika Srpska financieel bijgedragen aan de film The Serbian Struggle for Freedom, die de genocide in Srebrenica ontkent. Voorzitter. Het is overduidelijk dat Bosnië niet veilig is met deze buren. Ik wil de minister dan ook vragen om een Nederlandse bijdrage te leveren aan de vredesmissie Althea. Daarvoor hebben we een amendement ingediend. Nu meer dan ooit is een dergelijke macht nodig als een signaal naar buren zoals Servië. Voorzitter. Een aantal oostelijke buren heeft dus nog wel wat hulp nodig bij de versterking van hun rechtsstaat en democratie. Zij vragen daar zelf om. Zij wensen dat ook. Een sterkere democratie en een sterkere rechtsstaat zorgen voor meer stabiliteit in deze landen. Het NFRP-Matraprogramma ondersteunt de landen van het Oostelijk Partnerschap. Ik wil de minister dan ook vragen om in 2023 het budget van het programma te verhogen met 5 miljoen euro. Ook daarvoor hebben wij een amendement ingediend. Voorzitter.”
“Uit een onderzoek van Defence for Children blijkt dat van de 700 Palestijnse kinderen die elk jaar worden gearresteerd, 3 op de 4 kinderen worden gemarteld. In de afgelopen twintig jaar zijn door Israël slechts twee beschuldigingen van marteling onderzocht. Ik wil de minister dan ook vragen om de Israëlische autoriteiten bilateraal en multilateraal op te roepen om per direct het VN-Kinderrechtenverdrag, dat zij hebben ondertekend, te respecteren en toe te passen. Voorzitter. Terug naar het Europees grondgebied. De Russische invasie in Oekraïne heeft verstrekkende gevolgen, in de eerste plaats voor de Oekraïners, maar ook voor Europa. De spanningen op de Westelijke Balkan zijn sinds dag één van de inval al merkbaar. Vucic heeft in Kosovo medewerkers bij de politie en andere overheidsinstituten met een Servische achtergrond opgeroepen om hun werk neer te leggen. Dat is simpelweg een pressiemiddel om Kosovo ervan te weerhouden om hun kentekenregels voor auto's voor de zoveelste keer uit te stellen. Waarom heeft de minister zich hier nog niet over uitgesproken?”
“Ik vraag me dan ook af hoe het kabinet het beleid om activiteiten van bedrijven te ontmoedigen in de Israëlische nederzettingen dan wél vormgeeft. Wat is het huidige ontmoedigingsbeleid nog waard, zo vraag ik de minister. Of het bezoek van de minister-president zou een soort van straf moeten zijn voor een bedrijf. Voorzitter. Begin juni publiceerde denktank Clingendael een video over de situatie in Israël en Palestina. Conflictanalist Van Veen zei tijdens deze lezing dat politici, vertegenwoordigers en diplomaten van landen die Israël steunen "medeplichtig zijn aan de bezetting van Palestijnse gebieden". Nederland is een van die landen. Hoe kijkt de minister naar deze uitspraak? Vindt hij zichzelf medeplichtig? Voorzitter. Volgens de laatste cijfers zitten er momenteel 132 Palestijnse kinderen in Israëlische gevangenissen. Vorige week maakte Amnesty International bekend dat zes Palestijnse kinderen die onlangs zonder aanklacht werden vastgehouden, zijn gemarteld. Ouders zagen in Israëlische militaire rechtszalen hun kinderen met bloed, blauwe plekken en een gebroken neus.”
“Die houding komt neer op het sluiten van de ogen voor talloze Israëlische mensenrechtenschendingen. Want wij wapperen in overgrote meerderheid terecht met internationaal recht sinds de Russische inval in Oekraïne, maar datzelfde recht wordt wat betreft de bezetting van Palestina door Israël onbelangrijk gevonden door een andere meerderheid. In overgrote meerderheid vinden wij hier dat Nederlandse bedrijven die handeldrijven met geannexeerde Oekraïense gebieden, zich schuldig maken aan schendingen van internationaal recht. Op Europees niveau hebben we weet ik hoeveel sanctiepakketten weten af te spreken; ik ben de tel inmiddels kwijtgeraakt. In de Palestijnse context echter handelt het kabinet totaal anders. Israëlische bedrijven werden tijdens het meest recente bezoek van minister-president Rutte geselecteerd op basis van hun waarde voor de Nederlandse economie. Zo ontmoette de minister-president Netafim, een bedrijf dat nederzettingen voorziet van irrigatiesystemen.”
“Steeds vaker zie je dat mensen wereldwijd lijden onder oorlog, onderdrukking, marteling en hongersnood. Dagelijks zie je filmpjes van slachtoffers die lijfstraffen krijgen, die gebonden verdrinken in een rivier of die worden opgehangen. Simpelweg omdat de wereld de daders ermee weg laat komen. Je ziet vrouwen in Tigray op de meest gruwelijke manieren verkracht en gemarteld worden. Je ziet de vrouwen die in Iran opgepakt worden voor het bevechten van hun meest elementaire recht, namelijk dat van zelfbeschikking. Voorzitter. Je ziet tegelijkertijd ook dat dit politiek misbruikt wordt door bijvoorbeeld de VVD voor een agenda van moslimhaat. Het beleidsveld blijkt er dan ook een te zijn van illusies, want in de praktijk wordt bar weinig verschil gemaakt in het leven van burgers wereldwijd. De droom van vrede en een werkende internationale rechtsorde spat uiteen. Voorzitter. Deze kille realiteit past dan ook uitermate goed op het standpunt van het kabinet in een van 's werelds neteligste conflicten, namelijk dat tussen Israël en Palestina, maar vooral ook op de Nederlandse houding.”
“Het lukt allemaal niet zo goed, maar laat mij vandaag alsjeblieft een beetje naïef zijn, net zoals talloze studenten die een internationale studie volgen en dromen van het verbeteren van de wereld. Zij willen aan de slag gaan bij de Verenigde Naties, de Europese Unie, de NAVO, een andere multilaterale organisatie of misschien bij Buitenlandse Zaken, waar je dan in een diplomatenklasje kan komen om later het Koninkrijk der Nederlanden te vertegenwoordigen. Voorzitter. Je begint dan vol goede hoop met je werk aan de Rijnstraat 8 in Den Haag. Het is een kolossaal gebouw. Je werkt aan nota's en beleidsstukken, onderhoudt contacten met organisaties, werkt aan het beantwoorden van die irritante Kamervragen van een Kamerlid, ene Jasper van Dijk, die weer vragen heeft gesteld over de aanwezigheid van een regeringsdelegatie in Qatar en komt zowaar minister Hoekstra tegen in de lift, die je vriendelijk groet. Wat leuk. Maar gaandeweg ontdek je ook dat je kan vervallen in cynisme omdat je ziet dat al die prachtige idealen an sich niet leidend zijn voor het werk dat je doet.”
“Voorzitter, dank u wel. In een tijdperk waarin autocraten op het geopolitieke toneel en rechtspopulisten in Europa steeds meer terrein winnen, vinden sommigen het een tikkeltje naïef om te blijven geloven in multilateralisme. Laat mij vandaag alsjeblieft een beetje naïef zijn als het aankomt op mijn geloof in het multilateralisme. Laat mijn fractie dan maar behoren tot de stroming van de oprichters van de Volkenbond in 1919, meer dan honderd jaar geleden. Die hadden als doel om nooit meer zo'n wrede oorlog als de Eerste Wereldoorlog te laten ontstaan. Toch brak niet veel later de Tweede Wereldoorlog uit. Laat mijn fractie dan maar behoren tot de stroming van de oprichters van de Verenigde Naties, die zich in 1945 een wereld zonder oorlog ten doel stelden en streefden naar samenwerking tussen landen, een verbetering van het leven van de armen, het tegengaan van honger en ziektes, het bevorderen van vrijheid en het verbeteren van rechten van mensen.”
“Afsluitend op dit onderwerp. Realisme, prima. We kennen dat van de VVD, dat is inderdaad het standpunt en dat gaan we vandaag tijdens dit debat niet veranderen. Maar erkent de heer Brekelmans dat het van weinig realisme getuigt als je tegelijkertijd de economische afhankelijkheid verder vergroot, aangezien dan van de zaken die wij hier benoemen heel weinig terecht gaat komen? Vindt de heer Brekelmans dat ook?”
“Laat dit nou precies dat onderdeel van de begroting zijn dat ik met bijzondere interesse heb gelezen. Letterlijk staan in de begroting voor 2023 van het departement van Buitenlandse Zaken de dingen die wij hier met elkaar ook vinden, maar er staat ook bij dat het het engagement met China niet in de weg mag staan. Begrijpt de heer Brekelmans dat? Dit terwijl wij hier eigenlijk al anderhalf jaar of langer pleiten om die afhankelijkheid te verminderen.”
“De heer Brekelmans, de partij van de heer Brekelmans en mijn partij delen met elkaar dat we inderdaad te afhankelijk zijn van China en dat we die afhankelijkheid moeten afbouwen omdat China een dreiging, een risico vormt voor ook onze veiligheid in Nederland. Vindt de heer Brekelmans dat het wel snel genoeg gaat? Als we kijken naar de momenten waarop we hebben gepleit voor het verminderen van die afhankelijkheden, dan zien we eigenlijk dat de economische afhankelijkheid nog groter is geworden. Vindt de heer Brekelmans dat het snel genoeg gaat? Wat zou hij willen inzetten om die afhankelijkheid te verkleinen, behalve het inzetten van een taskforce wat betreft strategische afhankelijkheid? Is hij er ook voor om de economische afhankelijkheid te verminderen?”