Rob Jetten
lid Tweede Kamer · D66 · Netherlands
“Ik ben het eens met de heer Omtzigt dat mensen met een blokaansluiting in een goed functionerende vve of bij een woningcorporatie waarschijnlijk relatief makkelijk te helpen zijn met hetgeen we aan het uitwerken zijn.”
“In Glasgow is niet super precies afgesproken hoe dat einde eruit moet zien. Daarom is het ook zo belangrijk dat de staatssecretaris en ik allebei contact hebben gezocht met onze collega's in de buurlanden om met Noordwest-Europese landen zo veel mogelijk dezelfde stappen te zetten, zodat iedereen naar die afbouw van de exportkredietverzek…”
“Ik ben altijd erg onder de indruk van hoe enorm veel kinderen en jongeren bezig zijn met deze thematiek. Zij zien ook niet altijd het wenkend perspectief.”
“Ik geloof echt dat we daarmee op Europees niveau een hele belangrijke stap zetten om weg te gaan van gratis rechten en toe te bewegen naar eerlijke beprijzing van vervuiling, zowel op het Europese continent als ook voor producten die we naar Europa toe importeren.”
“Deze raming is in de aanloop naar het debat van morgen inzake het prijsplafond nog bijgesteld naar 1,65 miljard. Hierover is de Kamer op 9 november geïnformeerd door minister Adriaansens. Op grond van de Mijnbouwwet zijn alle private gaswinningsbedrijven het winstaandeel, de zogenaamde cijns en oppervlakterecht verschuldigd.”
“Dat is goed. Gaat u er rustig voor zitten, meneer Van Raan. Ik heb begin dit jaar de rapporten van de IPCC gelezen in aanloop naar de VN-klimaattop die nu gaande is in Egypte. Dat is een zeer leesbaar rapport met een goede samenvatting.”
The complete record
Every one of 192 lines we hold for Rob Jetten, in date order, each linked to its source. Free to read, in full, without an account. Page 3 of 4.
“Het doet er niet toe dat dat een citaat was. Dat doet er niet toe. Het gaat me ook niet om die belachelijke vergelijkingen tussen de coronapandemie en de jaren dertig of de jaren veertig. Ik vraag aan u: begrijpt u dat Nederlandse Joodse, Roma- en Sintigezinnen zich diep en diep beledigd voelen als u de Holocaust tussen aanhalingstekens plaatst? Ik doe nog eenmaal de oproep aan de heer Baudet om daarmee te stoppen, uit respect voor alle nabestaanden van die verschrikkelijke tijd uit onze recente geschiedenis.”
“Wat een walgelijk antwoord van de heer Baudet. Walgelijk, vind ik het! Hij heeft niet het lef om excuses te maken voor het plaatsen van het woord "Holocaust" tussen aanhalingstekens in een tweet.”
“Dat is heel treurig. Laat ik dan een paar dingen aan de heer Baudet voorlezen. Mosjee Hammelburg, 6 jaar. Mourits Hammelburg, 43 jaar. Mozes Hammelburg, 65 jaar. Nathan Hammelburg, 50 jaar. Nathan Hammelburg, 48 jaar. Salomon Hammelburg, 10 jaar. Dat zijn de namen van familieleden van Alexander Hammelburg, Tweede Kamerlid voor D66. Hij verloor een groot deel van zijn familie in de Tweede Wereldoorlog. En net als de familie Hammelburg zijn er vele Nederlandse families, Joods, Roma of Sinti, die door de Holocaust vrijwel volledig zijn uitgemoord. Kunt u zich voorstellen dat die Nederlanders het ongelofelijk kwetsend vinden als een lid van dit huis de Holocaust tussen aanhalingstekens plaats?”
“Een paar dagen geleden riepen joodse organisaties de Tweede Kamer op om afstand te nemen van vergelijkingen tussen de holocaust en de coronapandemie. Na die oproep van joodse organisaties heeft de heer Baudet een tweet de wereld in geslingerd. In die tweet plaatste hij de holocaust tussen aanhalingstekens. Ik vond dat zeer ongepast richting alle nabestaanden van Joodse families, Sinti en Roma die tijdens de Holocaust hun familieleden zijn verloren. Ik zou de heer Baudet willen vragen of hij zijn excuses wil maken voor het gebruik van de aanhalingstekens bij "de Holocaust".”
“Het is fijn als je daar gelijk in hebt gekregen, maar de alternatieve route uit deze impasse heeft u ook niet geschetst. Dat is gewoon de oprechte vraag die ik aan de SP heb. Weet je, ik ben ook gefrustreerd dat het zo lang duurt. En ja, ik ben in- en uitgelopen, en dat heeft ook nog niet geholpen. Maar hoe dan wel? Als u het weet, mevrouw Marijnissen, help ons, zodat we weer verder kunnen met elkaar. Dat is echt een oprecht aanbod. Dan weer over die winstbelasting, want daar begon de interruptie van mevrouw Marijnissen mee. Ik heb al gezegd dat ik het een hele logische gedachte vind dat je van bedrijven die dankzij de coronasteun overeind zijn gebleven, wat extra's vraagt nu het economisch weer beter gaat. In welke vorm we dat het beste kunnen doen en waar je dan die extra opbrengsten aan gaat uitgeven, daar kunnen we het de komende tijd nog veel met elkaar over hebben. Maar de gedachte van mevrouw Marijnissen vind ik heel begrijpelijk.”
“Over heel veel van uw inhoudelijke punten denk ik "nou, interessant en laten we kijken hoe we daarmee verder kunnen", maar dan zou ik u ook willen uitdagen om te zeggen wat de SP kan doen om die formatie een beetje vlot te trekken en snel tot een nieuw kabinet te komen.”
“Dat is een van de dingen die dan ook door mijn hoofd gaan. Het is natuurlijk wel zo dat dit kabinet driedubbel demissionair is, zoals ik in het begin van mijn betoog zei. Dit soort discussies horen echt thuis aan de formatietafel. Ik sta er dan zeer voor open om ook dit soort oplossingen met elkaar te vinden. Ik zie mevrouw Marijnissen een beetje zuchten van "we gaan het weer hebben over die formatie", maar ik zou dan eigenlijk de bal willen terugkaatsen. De SP-fractie heeft de afgelopen tijd ook niet enorm geholpen om de kabinetsformatie een beetje te versnellen. U heeft tegen de aanstelling van mevrouw Hamer gestemd. U heeft tegen de tweede aanstelling van mevrouw Hamer gestemd. U heeft in het vorige debat tegen de motie van de heer Rutte gestemd om informateur Remkes te benoemen en u stemde ook tegen de motie van de heer Wilders voor nieuwe verkiezingen, maar ik heb in het vorige debat geen motie-Marijnissen gezien over hoe we dan wel uit deze impasse moeten komen.”
“Ik vind dat een interessante gedachte. Veel partijleiders, lijsttrekkers, hebben in de campagne gepleit voor bijvoorbeeld een crisisheffing of hoe dat dan ook werd genoemd. Je kunt ook de komende jaren discussiëren over hoe we omgaan met de hoogte van onze belastingen, over of je op die manier het bedrijfsleven iets terug kan laten doen voor de enorme coronasteun die ze hebben gehad. Ik sta er zeer voor open voor om daar de komende tijd met elkaar over van gedachten te wisselen. De andere kant van de medaille is natuurlijk wel dat we ook ondernemers hebben in Nederland die nog met grote problemen zitten door de coronapandemie, vaak kleinere ondernemers met schulden, belastingschulden, et cetera. Daar moeten we dan denk ik ook een oplossing voor vinden. Maar waar het gaat om Booking.com, KLM en andere grote bedrijven die vele, vele miljoenen euro's coronasteun hebben gekregen, vind ik het niet meer dan terecht om de komende tijd ook met elkaar te kijken of zij, nu het weer beter gaat, wat terug kunnen doen.”
“Ik heb zelf een initiatiefwet om de abortuswet aan te passen, om de bedenktijd voor vrouwen te schrappen. Er ligt een initiatiefwet over voltooid leven van D66. Wat mij betreft gaan we die wetsvoorstellen hier zeer zorgvuldig met elkaar bediscussiëren en ik zou het heel logisch vinden als in alle fracties Kamerleden vrij zijn om daar een individuele afweging over te maken, omdat het zulke zware onderwerpen zijn.”
“Ik ben blij dat de heer Van der Staaij het blad Idee aanhaalt van ons wetenschappelijk bureau, de Van Mierlo Stichting. Het laatste nummer, van kort voor de zomer, stond voor een heel groot deel in het teken van zelfbeschikking en de discussie rondom de euthanasiewet en de initiatiefwet voltooid leven. Het klopt, daar ziet u ook enorme verschillen van mening binnen D66. Ik vind het geweldig dat dat bij ons in de partij kan en dat je zeker op zo'n belangrijk thema echt kan schuren in het debat binnen de partij. Zo hoort het ook als het gaat om leven en dood. Ik kan even niet meer de exacte formulering uit het document op hoofdlijnen terughalen, maar daarin hebben we gesteld — ik doe het dus even in mijn eigen woorden — dat onderwerpen die gaan over medische ethiek en die gaan over en leven en dood ten eerste een goed maatschappelijk en politiek debat behoeven, maar dat we ook iedereen de vrijheid moeten geven om zelf te oordelen over dat soort wetsvoorstellen. Zo hoop ik dat we de komende jaren ook in dit huis met elkaar kunnen omgaan.”
“Juist omdat we ook op thema's als medische ethiek, bijvoorbeeld een voltooid leven of de toekomst van de embryo- en abortuswet, een fatsoenlijk maatschappelijk debat met elkaar willen, vond ik het in ieder geval vanuit D66 belangrijk om die onderwerpen een nadrukkelijke plek in dat hoofdlijnenstuk te geven, maar wel in de wetenschap dat dat slechts het begin is van heel veel debatten in deze Kamer en in de samenleving.”
“Ik zou graag met de ChristenUnie willen praten. Ik zie allerlei varianten van coalities vormen waar zowel D66 als de ChristenUnie onderdeel van uitmaakt. Dan zullen we met elkaar een manier moeten vinden om ook met dit soort thema's om te gaan, waar we overduidelijk enorm van mening over verschillen. Ik heb me nu gefocust op thema's die echt terugkomen in de begroting voor 2022. Maar ik vind zelf ... Alexander Pechtold zei dat laatst heel treffend bij ik dacht het tv-programma Jinek. Wij hebben vaak de neiging om te denken dat thema's over medische ethiek en emancipatie nooit urgent genoeg zijn om bovenaan de agenda te zetten, omdat er altijd wel een andere brand is die je moet blussen. Maar als je vergeet om te blijven werken aan thema's als emancipatie en medische ethiek, dan kom je als land op een gegeven moment op enorme achterstand te staan en ben je niet bezig om ieder individu de vrijheid te geven om zijn leven vorm te geven.”
“Ik zal in ieder geval persoonlijk mijn best doen om ook in de komende week te kijken hoe we toch tot die doorbraak kunnen komen, zodat we zo snel mogelijk gaan formeren en zo snel mogelijk een nieuw regeerakkoord hebben. Dan hoef ik niet meer zo'n urgentieverhaal te houden, maar kan ik het er vooral over hebben of dat nieuwe regeerakkoord goed genoeg is.”
“Een terechte vraag, denk ik, van de heer Van der Staaij. Ik heb het gisteren na de troonrede ook tegen journalisten gezegd: ik ben er zelf ook gefrustreerd over dat we op dit punt staan. Ik ben blij dat dat tussen de regels door is overgekomen. We hebben in de zomer met dat document op hoofdlijnen laten zien dat je op veel van die inhoudelijke onderwerpen echt wel de brug met elkaar kan slaan. De heer Van der Staaij zal, net als andere partijen die met ons over dat document op hoofdlijnen hebben gesproken, allerlei ideeën hebben over hoe dat beter kan. Helaas is het niet gelukt om vanuit dat stuk al tot onderhandelingen te komen voor een meerderheidskabinet. Nu zijn we met informateur Remkes aan het kijken of, en zo ja hoe, je alsnog met een minderheidskabinet aan de slag kan. Maar voor mij hebben vorige week en het debat van vandaag wel bewezen dat een minderheidskabinet alleen zinnig is als je een constructieve en vruchtbare samenwerking met de Kamer kan vormgeven. Dat vraagt iets van ons als D66, van de VVD en het CDA, maar ook van de andere constructieve krachten in deze Kamer.”
“Mijn collega Salima Belhaj, de woordvoerder voor discriminatie in de fractie, kijkt mij aan. Zij neemt denk ik de handschoen wel met u op om te kijken of we in die 353 miljard nog wat kunnen vinden.”
“Ik ben blij dat die coördinator er eindelijk gaat komen. Ik heb inderdaad ook gezien dat het budget voor die nationaal coördinator wordt gezien als nog te beperkt. Opschroeven lijkt me verstandig. Of we dat nu al kunnen regelen, weet ik niet. Anders ga ik graag op latere momenten met de heer Azarkan daaraan trekken en sleuren. Als je discriminatie en institutioneel racisme echt wil uitbannen, moet je echt op allerlei vlakken aan de slag, zoals ook staat in het rapport van de adviesgroep slavernijverleden. Zo'n nationaal coördinator is één ding — dat moet iemand zijn die ook kan doorzetten en ingrijpen als het nodig is — maar het vraagt ook betere voorlichting op scholen, een hardere aanpak van makelaars, al die plekken waar ook de heer Azarkan continu probeert discriminatie te bestrijden. Dus hoe meer we kunnen doen, hoe beter. Ik ga met hem kijken op welk moment we dat kunnen regelen.”
“Wat mij betreft kan dat alleen maar met één woord, namelijk "ja".”
“Voor mij zijn het historische bezoek van president Santokhi en het rapport van de adviesgroep slavernijverleden een nieuwe aanleiding om die geschiedenis zo snel mogelijk recht te doen. Daarom doe ik tijdens deze Politieke Beschouwingen opnieuw een oproep aan alle collega's in deze zaal. Als Nederland zijn excuses aanbiedt voor onze rol in het slavernijverleden, kan dat het begin zijn van heling van wonden. Het kan de basis zijn voor een toekomst waarin we elkaar liefhebben, elkaar vertrouwen en elkaar sterker maken. Voorzitter. Tot slot. Ik heb vandaag in de milieutraditie van mijn partij lang stilgestaan bij wat we kunnen doen om de dreigende klimaat- en natuurramp te voorkomen. Dat is voor mij in letterlijke zin fundamenteel. Bij een gebrek aan kabinetsbeleid om algemeen te beschouwen, heb ik de kans aangegrepen om specifiek te zijn. Rijksbouwmeester Floris Alkemade vraagt in zijn essay De toekomst van Nederland of wij sterk genoeg zijn om in onze eigen tijd te leven. Waarmee hij bedoelt: kunnen we op tijd van richting veranderen? Laten we die vraag in dit parlement beantwoorden.”
“Voorzitter. Ik heb gesproken over de drie grote crisissen: de kansencrisis, de wooncrisis en de klimaat- en natuurcrisis. Maar ik wil ook nog stilstaan bij een compleet ander onderwerp. Begin deze maand bracht de Surinaamse president Santokhi een historisch bezoek en ontmoette hij ons parlement in de Ridderzaal. De president sprak indrukwekkend over de relatie tussen Nederland en Suriname en over de geschiedenis die onze landen delen. Ik citeer: "De banden tussen onze landen zijn historisch. We zijn eeuwenlang met elkaar verbonden, zelfs in een relatie die gekenmerkt moet worden door zwarte bladzijden in ons beider geschiedenis." Voorzitter. Dit is een geschiedenis waar wij ons nog altijd rekenschap van moeten geven. In eerdere debatten heb ik aandacht gevraagd voor de manier waarop het slavernijverleden en de koloniale geschiedenis doorwerken in de hedendaagse samenleving; hoe slavernij en de koloniale periode patronen van stereotypering, discriminatie en institutioneel racisme hebben doen voortkomen, wat tot op de dag van vandaag leidt tot minder kansen voor veel Nederlanders.”
“Ik ben zelf blij met het initiatief van mevrouw Kaag, toen nog minister van Buitenlandse Handel, en de Fransen: als Europa nieuwe vrijhandelsverdragen sluit, moeten die duurzame afspraken daar veel ambitieuzer in, onder andere voor betere bescherming van voedselproductie in Europa. Dat deel ik dus zeer met haar. Maar toch ook even over het glas halfvol, ook in de discussie over stikstof en de toekomst van de landbouwsector. Het was volgens mij Derk Boswijk van de CDA-fractie die als kersvers Kamerlid — dat vond ik echt heel dapper — ambitieuze landbouwplannen van het CDA presenteerde die echt een breuk zijn met het verleden. Daar put ik de hoop uit dat we in deze Kamer de komende jaren met elkaar goede voorstellen kunnen maken voor de toekomst van de landbouwsector in Nederland.”
“Ik heb, denk ik, net het verkeerde voorbeeld gegeven. Ik wilde vooral het volgende zeggen. Deze APB gaat, even los van alle inhoudelijke discussies, vandaag en morgen ook over de vraag: lukt het ons in zo'n gefragmenteerd politiek landschap toch om met elkaar goede dingen te doen voor Nederland? Ik krijg er energie van dat dit debat toch meer die kant opgaat dan we van tevoren misschien hadden verwacht. Daarom noemde ik de Stikstofwet van vorig jaar. Toen hebben ook allerlei partijen waarvan je het niet had verwacht, elkaar gevonden. Maar ik ben het helemaal met mevrouw Ouwehand eens dat dat ook een compromis was. Dat was onvoldoende om het in één keer goed te doen. Ik zie haar interruptie nu dus ook als een grote aanmoediging om het dit najaar beter te doen op het stikstofdossier.”
“Wie het openbaar vervoer wil gebruiken, moet overal snel en schoon naartoe kunnen. Laat ik over deze drastische overgang helder zijn. De klimaat- en natuurcrisis kunnen we alleen nog aanpakken zoals de coronacrisis. Dat wil zeggen: zonder omkijken en in het voortdurende besef dat we fouten zullen maken en dat het soms verschrikkelijk duur zal zijn. Maar als we falen, is de prijs vele malen hoger dan hetgeen we nu nog makkelijk kunnen opbrengen met onze goedgevulde portemonnee. Als we slagen, kunnen we beter leven, veiliger zwemmen, schoner ademen, rijker leven en comfortabeler wonen dan we ooit hebben gedaan.”
“Onze plannen zijn er niet alleen voor de natuur, maar ook voor de toekomst van boeren. Wij willen dat zij meer verdienen met minder vee. Dat is mogelijk, maar ook noodzakelijk, want de natuur zit wereldwijd in de verdrukking. Driekwart van de insecten is verdwenen. Diersoorten gaan verloren voor volgende generaties en de voedselketen staat onder druk door opwarming van de aarde, die ook nog eens wordt versneld door het verdwijnen van biodiversiteit. Om hier iets aan te doen, wil ik dat Nederland op de grote biodiversiteitsconferentie van de VN in China een koploper is — ik roep de premier daartoe op — zodat we internationaal afspraken kunnen maken die we op nationaal niveau kunnen uitvoeren. De klimaatambitie kan alleen slagen als die gepaard gaat met een sociale ambitie. We hadden het daar net ook over. Laten we de mensen die in een tochtig huis wonen met een hoge energierekening als eersten helpen. Wie elektrisch wil rijden, moet dat betaalbaar kunnen, ook als je een tweedehandse elektrische auto zoekt.”
“Mevrouw Ouwehand vindt het vast niet erg dat ik nog een paar minuten aan het klimaat besteed. Voorzitter, het roer moet om. We zullen in 2030 60% minder CO 2 moeten uitstoten. We zitten nu op amper 25%. We hebben nog maar acht jaar te gaan. Mensen zelf doen al een deel, maar het gaat nu met name om de industrie en de landbouw. De overheid heeft daarbij te helpen. Ik ben blij dat groene industriepolitiek nu gemeengoed is in deze Kamer. Daar kunnen we dus ook mee aan de slag. Ik wil ook het liefst zo snel mogelijk de plannen en toezeggingen van elke grote vervuiler zien. De overheid kan daarbij helpen. Voor de 30 grote vervuilers sta ik open voor gesprekken over maatwerk, maar alleen met harde toezeggingen van die bedrijven, want er bestaan geen gratis lunches wat dat betreft. De landbouw moet versneld de omslag maken naar kringloop. Wat D66 betreft komt er binnen tien jaar een einde aan de bio-industrie. Dat moet ruimhartig, want boeren kunnen er niets aan doen dat ze in het hamsterwiel van intensivering terecht zijn gekomen.”
“Eigenlijk nog niet.”
“Het stikstofakkoord van toen was een eerste stap en nog niet genoeg om de stikstofproblematiek helemaal aan te pakken. Waarom ik het wel een goed voorbeeld vond, is omdat politieke tegenpolen toch de verantwoordelijkheid voelden om in ieder geval een begin te maken met de stikstofaanpak. Daar moeten nu flinke scheppen bovenop.”
“Voorzitter, het kabinet is bezig. Mijn vraag zou zijn: wanneer kunnen wij daar nieuwe voorstellen voor verwachten? Ik vind stikstof overigens een mooi voorbeeld van hoe we met deze Kamer, of eigenlijk met de vorige Kamer, politieke verschillen toch hebben kunnen overbruggen. Ik weet niet meer precies welke partijen daar allemaal bij betrokken waren, maar volgens mij waren dat het CDA, de VVD, de ChristenUnie, D66, SP, SGP en 50PLUS. Zij hebben vorig jaar een stikstofakkoord gesloten. Er is nu meer nodig, dus wellicht kunnen we de politieke verschillen weer overbruggen om op stikstofgebied nieuwe stappen te zetten.”
“Ja, voorzitter, dat scheelt mij een stukje spreektekst. Ik zou de vraag naar het kabinet willen doorgeleiden. Ook vandaag zijn er weer rechterlijke uitspraken gedaan die gewoon vergunningen doorhalen. Dat laat zien dat de stikstofcrisis groot is en dat hetgeen wij doen nog onvoldoende is. Dat zal extra inspanningen vragen. Als de formatie langer voortduurt, zal heel Nederland naar dit demissionaire kabinet gaan kijken om toch meer te doen op stikstofgebied. Wij hebben in de kranten al van alles gelezen over waar het kabinet mee bezig zou zijn. Verstandige dingen las ik daar, zoals gerichte uitkoop van piekbelasters rondom natuurgebieden. Ik ben erg benieuwd hoe het daarmee staat en wanneer we eventuele nieuwe plannen van het kabinet kunnen verwachten.”
“Ik probeer ondertussen te bedenken hoe je een huis verwarmt met kernenergie.”
“Ja, maar juist vanwege die stijgende gasprijs is het ook belangrijk om huizen van het gas af te halen. Mijn tegenvraag aan de heer Eerdmans zou eigenlijk zijn: wilt u dan langer blijven pompen in Groningen? Dat willen wij volgens mij in deze Kamer ook niet meer. Wij hebben hier de keuze gemaakt dat wij vanwege de aardbevingen in Groningen gaan stoppen met het winnen van aardgas. Dan zullen we ook als overheid een alternatief moeten bieden om je huis te verwarmen.”
“Bij de gebouwde omgeving zouden wij, juist omdat het daar nu nog met vallen en opstaan gaat, de ambities voorlopig even moeten houden zoals ze zijn, zodat wij dat op een verstandige manier kunnen doen.”
“Voorzitter. De heer Eerdmans zegt: mensen zitten er totaal niet op te wachten. Er zijn ook voorbeelden waar het inmiddels ontzettend goed gaat. In Nijmegen, in de wijk Jerusalem, hebben bewoners zich lang verzet tegen het van het aardgas afgehaald worden. Daar zijn de woningen nu opgeknapt en zijn de mensen aangesloten op een warmtenet. De mensen zijn daar nu hartstikke tevreden mee. Dus het kan wel. Maar ik moet toegeven dat dit misschien wel het moeilijkste deel van het Klimaatakkoord is. Wij weten eigenlijk heel goed wat er moet gebeuren in de industrie, in de landbouw en op het vlak van de mobiliteit. In de gebouwde omgeving is het gewoon ingewikkelder. Ik kom bij mensen achter de voordeur. Het is een enorme omschakeling van het huis. Nu vraagt het inderdaad nog forse investeringen. Die proeftuinen zijn er onder andere voor bedoeld om de kosten naar beneden te krijgen. Ik ga zo meteen nogmaals pleiten voor het fors ophogen van de klimaatambities in Nederland, maar ik vind dat wij dit vooral moeten doen voor de industrie, de mobiliteit, de elektriciteitsproductie en de landbouw.”
“Nee, dat kan ik niet. Ik weet wel dat dit met vallen en opstaan gaat. Het is een grote operatie. De ene gemeente lukt dit beter dan de andere. Als we in de komende jaren van het aardgas af moeten omdat we minder CO 2 willen uitstoten en omdat we niet meer Gronings gas willen oppompen, dan zullen we een alternatieve warmtebron aan mensen moeten aanbieden. Dat kan niet iedereen voor zichzelf organiseren. Daarom is het goed dat deze proeftuinen in die pilotwijken er zijn, om te kijken hoe dat op een goede manier kan. Hoe leer je daarvan? Vervolgens kun je zo veel mogelijk huishoudens op een goede manier van het aardgas af helpen.”
“Ik ben de afgelopen jaren bij veel boerenbedrijven op werkbezoek geweest. Daarbij zeiden jonge boeren vaak tegen mij: de politiek zou meer naar ons moeten luisteren. Het ging dan over een failliet systeem waarmee je geen boterham meer kunt verdienen. Daarom pleit ik voor een omslag naar de kringlooplandbouw. De natuur floreert. We weten dat Nederland niet voldoet aan de richtlijnen van de Europese Unie als het gaat om natuurkwaliteit, waterkwaliteit en noem het allemaal maar op. We zullen daar in de komende jaren fors in moeten investeren.”
“Het is een heel harde boodschap, maar laten we alsjeblieft zeggen: we gaan met u in één keer een omslag maken naar de kringlooplandbouw. Ja, met minder vee en met meer oog voor de natuur. Dat doen we dan op een manier waarbij de boer ook een betere boterham kan verdienen. Ik vind dat een verantwoordelijkheid van ons als overheid voor die fantastische agrarische sector die we hebben. Landen als China, Oekraïne, et cetera, zullen uiteindelijk volgen. Voorzitter, ik ben aan het eind van mijn antwoord op dit punt. Ik heb onlangs een ontzettend boeiend stuk over Oostenrijk gelezen. Dat land in de Europese Unie heeft echt het voortouw genomen in de omslag naar biologische landbouw. Het fascinerende is dat het daar de christelijke partijen zijn die vooroplopen om de omslag naar de kringlooplandbouw voor elkaar te krijgen. Dat is omdat de CDU-ministers daar zeggen: we staan naast de boeren; we gaan ze niet langer voorliegen, maar we gaan ze helpen om een toekomstperspectief te krijgen. Dat gun ik de Nederlandse boeren ook.”
“Ja, voorzitter, er zit ontzettend veel in deze vraag van mevrouw Van der Plas. Ik heb de neiging om overal antwoord op te geven, maar dat zal ik niet doen. Op de hele wereld zullen landen zich moeten inspannen om de klimaatdoelen te halen. Dat betekent dat in alle landen van de wereld een discussie gaande is over de toekomst van de landbouw. Ja, in China en Oekraïne stoot de gemiddelde boer veel meer uit dan die in Nederland, maar ook daar is het onhoudbaar. Ook daar zal het landbouwsysteem uiteindelijk anders moeten. Wat wij kunnen doen in Nederland, is kijken hoe we het hier zelf verder kunnen verbeteren. Dan zeg ik dit: de impact van de huidige manier van voedsel produceren in Nederland op onze eigen natuur is te groot. De rechter heeft volgens mij vandaag weer allerlei vergunningen van boeren doorgehaald. We kunnen wel blijven beloven dat het beter wordt als een boer nog een keer gaat innoveren en nog een keer zijn stalsysteem aanpakt, maar het is een failliet systeem. Dat moeten we boeren niet nog een keer aandoen.”
“Het is een systeem waarbij je alleen maar groter, groter, groter moet produceren en je ondertussen als varkensboer nog even veel verdient als twintig, dertig jaar geleden. Volgens mij is het zelfs nog erger in de varkenshouderij. Slechts 10% van zo'n varken belandt uiteindelijk in de portemonnee van die boer en de rest van het geld gaat naar allerlei andere partijen in de voedselketen. We moeten boeren dus helpen om uit dit failliete systeem te komen, door ze te ondersteunen in de omslag naar kringlooplandbouw, zodat ze op een fatsoenlijke manier geld kunnen verdienen. Dat is met minder vee, maar ook met minder impact op natuur, volksgezondheid en noem het maar op, en tegen een eerlijke prijs voor hun voedsel. Dat is het alternatief dat D66 aan boeren biedt.”
“Ja, voorzitter, ik ken dit natuurgebied bij Winterswijk niet, maar het is niet ver bij mij vandaan, dus ik ga een keer kijken. Het is prachtig in de Achterhoek. Ik heb vaker met u gedebatteerd over het feit dat boeren in Nederland zich de afgelopen decennia al heel vaak hebben moeten aanpassen. U heeft mij weleens gezegd dat er in dit huis te weinig erkenning voor is dat boeren iedere keer weer nieuwe regels opgelegd krijgen, nieuwe technieken moeten introduceren, noem het maar op. Dat is ook heel frustrerend voor boeren, want ze hebben wel degelijk veel gedaan de afgelopen jaren. Het probleem is natuurlijk fundamenteel. We blijven hen maar in die bio-industrie houden. Met steeds weer een nieuwe staltechniek houden we elke keer weer een worst voor bij die boeren: als u nog een keer een enorme hypotheek bij de Rabobank aangaat en nog een keer uw stal aanpast, dan komt alles goed. Maar de realiteit is dat ze daardoor vast blijven zitten in een failliet systeem.”
“Voorzitter, ik heb de heer Wilders al eerder in dit debat een paar keer horen zeggen dat die statushouders en vluchtelingen van alles gratis krijgen. Ik weet niet of hij weleens in gesprek is geweest met een statushouder die een huis toegewezen heeft gekregen, maar die betaalt daar gewoon elke maand huur voor. Ik kan nog een keer het antwoord geven, maar het is heel simpel. Ja, meer mensen in Nederland betekent meer CO 2 -uitstoot, maar de grondoorzaak van de migratie en de vlucht is klimaatverandering en daarom moeten we er als Nederland ook iets aan doen.”
“Ja, voorzitter, mensen die naar Nederland komen tel je op bij onze totale bevolkingssamenstelling en die maken dan onderdeel uit van de CO 2 -uitstoot van Nederland. Daar heb je je toe te verhouden. Maar het gaat mij om de grondoorzaak van de reden waarom mensen hiernaartoe komen. En de grondoorzaak van vluchten en migreren is — en dat vinden echt alle internationale organisaties — klimaatverandering en het gevolg dat ontstaat rondom voedsel, schoon drinkwater en een stijgende zeespiegel. Als je dat niet kunt erkennen, kun je die grondoorzaken niet aanpakken en kun je ook niet een beter migratie- en vluchtelingenbeleid voeren. Daar gaan de heer Wilders en ik het niet over eens worden. Juist vanwege klimaatverandering moeten we investeren en ook landen in Afrika helpen om klimaatverandering tegen te gaan en zich aan te passen aan de klimaatverandering die toch al gaande is.”
“Dat is toch knap. Maar ik ben heel bij dat de heer Wilders begint over migratie. Want als je het vraagt aan de complete top van de Nederlandse Defensie, aan de Verenigde Naties en aan alle vooraanstaande klimaatbureaus ter wereld, dan zeggen ze: de grootste oorzaak van vluchtelingenstromen en migratiestromen in de komende vijf decennia is klimaatverandering. We zijn misschien klein met 17 miljoen mensen, maar juist als wij willen voorkomen dat mensen elders op de wereld doodgaan van honger, een gebrek aan drinkwater en conflicten vanwege klimaatverandering, dan hebben wij als westers en rijk land een hele grote verantwoordelijkheid om het voortouw te nemen. Kijk naar Madagaskar, naar Bangladesh en naar het Midden-Oosten: alle conflicten die daar gaande zijn, zijn gedreven door klimaatverandering, door een stijgende zeespiegel en door een gebrek aan voedsel en schoon drinkwater. Dus als de heer Wilders wil dat we minder migranten en vluchtelingen naar Europa krijgen, dan zou hij eigenlijk de klimaatkampioen van deze Kamer moeten zijn.”
“Ik zou bijna zeggen: wat knap dat u dit weer heeft bedacht. Knap dat u weer een ander thema hebt bedacht waar u immigranten de schuld van kan geven.”
“Ja, nou begrijp ik de interruptie van mevrouw Ouwehand ook beter. Maar ook hier zou ik zeggen … Als u net naar mevrouw Hermans heeft geluisterd, dan heeft u gehoord dat zij gezegd heeft dat de VVD op het gebied van dit denken is opgeschoven en dat er wel degelijk een grotere rol voor de overheid kan worden gezocht om die klimaatambities ook waar te maken. Ik vind het wel mooi dat we op dat punt met elkaar zijn aanbeland. Als u mij toestaat, voorzitter, wil ik een heel concreet voorbeeld dat nu speelt noemen. Dat is Tata Steel. Er zijn vast mensen in deze zaal die zeggen: dat moet gewoon helemaal weg. Maar gelukkig gaat het gesprek nu vooral over hoe je voorkomt dat je de komende jaren bij Tata in allerlei tussenstapjes suboptimale dingen gaat doen, zoals CO 2 -opslag onder de grond, en hoe je Tata kan helpen om in één keer die overstap naar groene waterstof te gaan maken, zodat we in Nederland het schoonste staal ter wereld gaan produceren. In die vibe moeten we met elkaar terechtkomen, want dan ga je ook echt de kansen benutten die de klimaattransitie Nederland kan bieden.”
“Ja, het Klimaatakkoord zal moeten worden opengebroken, maar vooral ook om meer afspraken te maken om die doelen nog naar boven bij te stellen. Daar ligt echt een belangrijke taak voor de formatie en een volgend kabinet. Wat wij nu nog kunnen aanjagen, doe ik graag met mevrouw Ouwehand.”
“Als ik verderga met mijn betoog, dan kom ik ook op een deel van de beantwoording van deze vragen van mevrouw Ouwehand. Mijn complimenten overigens voor haar outfit gisteren bij Prinsjesdag. Dat was een goed statement tegen biomassa. U weet ook dat daar vanuit de D66-fractie veel verzet tegen is geweest. Wij willen een snelle afbouw van die subsidies en we willen de biomassa die er nog wordt ingezet, altijd echt duurzaam laten zijn. Er is nog een hele weg te gaan. Mevrouw Ouwehand zei: met het Klimaatakkoord hebben we het over de schutting gegooid. Ja en nee, zou ik daar eigenlijk op willen antwoorden. Want het nut van het Klimaatakkoord is ook geweest om met een hele brede coalitie aan bedrijven, het maatschappelijk middenveld en ngo's weer met elkaar in gesprek te gaan over het belang van de vergroening van Nederland. Dat was ook noodzakelijk voor het draagvlak dat we de komende jaren nog nodig gaan hebben om die klimaatambities waar te maken.”
“Een van de belangrijkste redenen waarom er zo snel mogelijk weer een missionair kabinet moet zitten, is om die klimaatacties op te schroeven.”
“Ik zou hierbij de halfvol-benadering willen hanteren, in tegenstelling tot mevrouw Ouwehand. We hebben de afgelopen Kamerperiode een paar hele belangrijke dingen gedaan. Er is een Klimaatwet gekomen, waarin we de doelen van Parijs in de Nederlandse wet hebben vervat. Er is een veelomvattend Klimaatakkoord gekomen, om afspraken te maken over hoe we richting 2030 die CO 2 -uitstoot gaan halveren. Het kabinet heeft recentelijk gereageerd op het Fit for 55-pakket, de ambitieuze klimaatplannen van Eurocommissaris Frans Timmermans. Er zit dus enorm veel beweging in. Als je dat vergelijkt met vier jaar geleden, toen er in sommige verkiezingsprogramma's niet eens over klimaat werd gesproken, hebben we de kentering in Nederland ingezet. Maar ik ben net als mevrouw Ouwehand nog steeds niet tevreden. Er zal veel meer moeten gebeuren. Ik was ook nog niet eens klaar met m'n klimaatblokje, want ik ga zo meteen nog vertellen wat er nog meer nodig is, in de industrie, bij de mobiliteit, in de landbouw. Dat betreft ook een deel van de onrust die ik in mezelf voel over de duur van de formatie.”
“De natuur is in gevaar en daardoor worden er te weinig huizen gebouwd voor mensen die daarom zitten te springen. Welk kabinet er dus ook komt, het moet meer, sneller en beter. Maar ook dit demissionaire kabinet kan zich niet van de plicht ontslaan om al het nodige te doen om de klimaatdoelen en het Urgendadoel toch te halen. Want waarom zouden we niet nu al de maatregelen nemen die nodig zijn? Trek de pleister er in één keer af in plaats van de pijn langzaam uit te smeren. Want aan de ideeën en mogelijkheden ligt het niet. We zouden de komende tijd nog een extra kolencentrale kunnen sluiten. We kunnen kijken of we afvalverbrandingsinstallaties sneller kunnen afschalen. Want hoe langer we wachten, hoe onveiliger het wordt in ons land, en hoe meer belastinggeld we in de toekomst zullen moeten verkwisten aan dwangsommen en dure lastminute-ingrepen en hoe meer onherstelbare schade aan onze natuur en biodiversiteit er zal zijn. Als je dat allemaal al weet, waarom zou je dan treuzelen?”
“Het is ook hoopgevend dat de minister-president zelfs binnen onze Unie olympisch kampioen klimaatactie wil worden. Diezelfde olympische ambitie volgt hopelijk ook nog bij het thema "biodiversiteit". Tegen de premier zeg ik: olympisch kampioen word je niet liggend op de bank voor de buis. Daarvoor moet je vroeg opstaan en aan het werk. Voor je überhaupt aan de Spelen mag meedoen, moet je je kwalificeren met topprestaties op nationale kampioenschappen. Want het is allemaal niet vrijblijvend, het is een plicht. Dat zien we ook in eigen land, waar mensen opkomen voor hun belangen en hun recht halen. De vervuilende daad van de een leidt tot aantoonbare schade van de ander. Gelukkig hebben wij een rechtsstaat waarin je als burger niet zomaar de schade die je van een ander ondervindt, hoeft te accepteren. Het slepende stikstofdossier en de Urgendaopdracht zijn belangrijke voorbeelden. Het kabinet is nu stapje voor stapje aan de slag gegaan, maar die benadering is onvoldoende. Miljardeninvesteringen in Rotterdam worden misgelopen vanwege een nog altijd te hoge stikstofuitstoot.”
“In Duitsland werden 190 doden geteld en liep de schade op tot 30 miljard. Van Frankrijk tot Griekenland werd de natuur in de fik gezet door alles verzengende hitte. Op het door droogte geteisterde Madagaskar worden meer dan 1 miljoen mensen door honger bedreigd. En in de Cariben, ook het Nederlandse deel, hebben orkanen steeds meer impact op de samenleving. Nederland heeft nu een bijzondere verantwoordelijkheid om de leiding te nemen en het tij te keren, misschien niet per se vanwege de omvang van ons land — zeg ik tegen de Wilders — want voor iedere Nederlander in de wereld zijn er 453 niet-Nederlanders, maar wel vanwege onze milieuafdruk. Want een Nederlander stoot drie keer zo veel uit als de gemiddelde wereldburger, dus wél vanwege onze welvaart, onze kennis en het gevaar van onze lage ligging. De vraag is niet of we het kunnen, maar of we het willen. De Europese Unie is wat dit betreft hard op weg om haar meerwaarde te bewijzen. De slagkracht van bijna een half miljard Europeanen wordt in sneltreinvaart vervat in regels, belastingen en subsidies.”